Veelgestelde vragen

De sectie met veelgestelde vragen wordt periodiek bijgewerkt op basis van de binnenkomende vragen.

faq voor expertisecentrum verduurzaming zorg & CO2-REDUCTIETOOL

Waar kan ik de CO2-reductietool downloaden?

De CO2-reductietool is te downloaden via https://milieuplatformzorg.nl/kennisbank/mpztool/, zie ook de pagina van de tool.

Vragen over de uitleg bij de CO2-reductietool

Stap 2: Waarom is het belangrijk dat de locatienamen uit de lijst op het tabblad cijfers exact overeenkomen met de namen van de locatie tabbladen? Dit is essentieel omdat de locatie anders niet wordt meegenomen in de berekeningen.

Stap 4: Is deze tool een vervanging voor het MJOP? Nee, deze tool is geen vervanging voor het MJOP. De inzichten uit deze tool kunnen wel ondersteunen bij het invullen van het MJOP.

Stap 5: Waar kan ik de opmerkingen waarover in de uitleg van de tool gesproken wordt lezen? De opmerkingen staan in rij 27 van het locatietabblad en zijn leesbaar door de cellen met de rode driehoekjes in de hoek aan te klikken.

Ik heb GJ van het warmtenet op de locatie ingevuld, maar de tool rekent met aardgas (m3), hoe ga ik daar mee om?

In de tool worden alle besparingen berekend in kWh elektriciteit of m3 aardgas(equivalenten). Dit betekent dat uw ingevoerde aantal GJ allereerst automatisch omgerekend wordt in aardgasequivalenten, zodat alle maatregelen de juiste reductie berekenen.

U dient alleen nog de prijs per GJ juist door te rekenen op de betreffende locatie. U doet dit door de prijs per GJ te delen door 31,6 en in te vullen in cel B17. In een volgende versie van de tool zullen we een apart invulveld maken voor kosten per Gigajoule uit een warmtenet.

Waarom mag ik Europese groene stroom niet aanvoeren als groene stroom?

Het is belangrijk dat de inkoop van groene stroom ook daadwerkelijk tot hogere productie van groene stroom leidt. Door groene stroom te kopen die buiten Nederland wordt opgewekt (zoals Noorse waterkracht) wordt er geen nieuwe groene stroom geproduceerd, waardoor dit geen duurzame keuze is. Bij deze Stimular maatregel vind je hier meer informatie over.

Waarop zijn de aannames in de tool gebaseerd?

De aannames in de tool zijn gebaseerd op de praktijkervaringen van Stimular en TNO en op basis van aangevraagde offertes. De kosten per maatregel zijn gebaseerd op schattingen per vierkante meter vloeroppervlak en/of vaste kosten. De energiebesparing per maatregel wordt berekend als percentage reductie van het totaalverbruik. Alle aannames worden, indien nodig, aangescherpt op basis van feedback en nieuwe praktijkervaringen. Ze kunnen ook door de gebruiker worden aangepast als dat voor hun situatie relevant is.

Welke cijfers worden er gebruikt voor de CO2-emissiefactoren in de tool?

Op dit moment wordt gebruik gemaakt van de CO2-emissiefactoren zoals gepubliceerd op CO2emissiefactoren.nl. Partijen die deze cijfers onder andere ondersteunen zijn MilieuCentraal, ministerie EZK en CE Delft.

Let op: Per februari 2020 zijn deze cijfers vernieuwd. U kunt zelf de CO2 emissiefactoren in uw tool wijzigen. Doe dit in cel B2 van het tabblad Bron. De factor van elektriciteit wijzigt van 0,649 naar 0,556 kg/kWh. De factor van aardgas verandert van 1,89 naar 1,884 kg/m3. Voor het invullen moet u de beveiliging van het tabblad halen: klik bovenaan op controleren > Beveiliging blad opheffen > [voer 123 in:] > OK.

Kan ik meerdere locaties samenvoegen in de tool?

Wanneer een zorginstelling over veel locaties beschikt is het niet efficiënt om deze allemaal handmatig in te voeren. Wij raden aan meerdere panden of locaties samen te voegen op basis van het bouwjaar en/of regio. Doe dit enkel wanneer het aannemelijk is dat het onderhoud en toepassen van de maatregelen op een vergelijkbare manier verloopt. Door locaties samen te voegen komen de maatregelen die passend zijn bij het bouwjaar duidelijk naar voren en kunnen deze op alle zorginstellingen uit die bouwperiode worden toegepast.

Kan ik in de routekaart ook regels toevoegen/verwijderen m.b.t. maatregelen?

Nee, helaas is het (nog) niet mogelijk de tool zelf verder uit te breiden. Op dit moment zijn er drie lege maatregelrijen per locatie die naar eigen inzicht ingevuld kunnen worden. Hierbij is het belangrijk in ieder geval investeringskosten en reductie elektriciteit en/of aardgas in te vullen. De tool berekent dan zelf de CO2-reductie, besparing en terugverdientijd. Als u regels uit beeld wilt hebben, verberg deze dan in plaats van ze te verwijderen.

Er zijn optioneel zelf maatregelen in te vullen vanaf rij 86 in het locatietabblad (versie 1.2). Vul dan zelf de investeringskosten (cel J86) en beoogde besparing op elektriciteit (cel N86) en/of aardgas (cel L86) in. De reductie kan ingevuld worden als percentage van het totaalverbruik zoals de andere maatregelen of als absolute waarde in kWh of m3 aardgas. De tool berekent zelf de CO2-reductie, besparing en terugverdientijd. Wilt u deze maatregel direct voor alle locaties invullen? Vul dan de optionele maatregel in de bron in (vanaf rij 87) en verwijs hiernaar vanuit de locaties.

Waarom kan ik diverse maatregelen niet vinden in de tool?

In de tool is gekozen voor veel voorkomende (erkende) maatregelen in de zorg. Maatregelen voor zwembaden of stoomproductie zitten daarom niet standaard in de tool. Tevens overlappen sommige maatregelen, zijn enkele maatregelen vervallen of is het efficiënter deze gelijktijdig in te zetten, vanaf versie 1.2 staat duidelijk aangegeven welke maatregelen samen uitgevoerd kunnen worden.

Ik ben op zoek naar een voorbeeld van een ingevulde routekaart, waar kan ik deze vinden?

Wij verwachten in het voorjaar van 2020 enkele voorbeelden te kunnen publiceren op deze website.

Hoe wordt nieuwbouw meegenomen in de CO2-reductietool?

Voor alle nieuwbouw wordt met de BENG-eisen gerekend, waarvan de waarden onder het tabblad ‘bron’ terug te vinden zijn. Dit is nog niet energie- of CO2-neutraal en er zijn dan ook wel energiekosten aan verbonden in het model.

Voor alle nieuwbouw tot 2030 wordt gerekend met een totale energievraag van 60 kWh per m2 per jaar (40 voor elektriciteit en 20 voor warmte). De tool gaat ervan uit dat in ieder geval de helft hiervan hernieuwbaar kan worden opgewekt. Er blijft tot 2030 een restant fossiele inkoop over welke CO2 uitstoot veroorzaakt en zichtbaar is in de CO2 footprint.

De tool gaat ervan uit dat nieuwbouw na 2030 wel volledig energieneutraal is. Aan de energievraag verandert niets, maar het aandeel hernieuwbaar wordt hieraan gelijk gesteld. U neemt alleen de CO2 uitstoot van de nieuwbouwprojecten van voor 2030 mee naar 2050 (vanaf versie 1.2).

Deze waarden/berekeningen zijn ook handmatig aan te passen aan uw situatie. Lees daarvoor de opmerkingen in het tabblad nieuwbouw. Komt u er niet uit, neem dan contact op met het kenniscentrum voor support.

Zijn de doelstellingen voor 2030 en 2050 haalbaar?

Via de CO2-reductietool kan (voor het vastgoed van de langdurige zorg) inzichtelijk gemaakt worden wat effecten van bepaalde maatregelpakken zijn. Met de wereld van 2019 zijn de doelstellingen van 2030 technisch en economisch al haalbaar voor het merendeel van de zorgorganisaties. De doelstellingen voor 2050 zijn een grotere uitdaging, maar daar is nog tijd voor.

Het is niet gek dat het lastig is op dit moment de volledige route naar het doel voor 2050 al uit te stippelen. Allereerst worden de quick-wins gepakt, de latere procenten zijn van nature lastiger te behalen. Ook wordt in de CO2-reductietool niet gerekend met technologische ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld efficiëntere zonnepanelen of goedkopere en nieuwe technieken, omdat we deze niet kunnen voorspellen. Ze zullen echter wel effect hebben op de haalbaarheid van het doel. In de sectorale routekaarten wordt ook aangegeven dat het doel voor 2050 haalbaarder wordt als het inkopen van groene energie meegeteld mag worden. Het maken van een routekaart is niet een eenmalige oefening. Deze zal periodiek herhaald moeten worden om op basis van de nieuwste inzichten de plannen bij te stellen.

De komende maanden werken we aan het invullen van de kennisbank van het expertisecentrum met ‘factsheets’ waarin relevante maatregelen worden gekoppeld aan praktische ervaringen. Deze zullen ook helpen met het geven van inzicht in de impact van maatregelen.

Tot slot, de vraag had eigenlijk moeten zijn; zijn de CO2-doelen nodig? Het antwoord hierop is in 2015 met het klimaatakkoord van 198 landen al gegeven. Momenteel kijken we vooruit naar de meest efficiënte en effectieve uitvoering voor de zorg.

Hoe kan ik inzicht krijgen in het effect van maatregelen versus de investeringen?

Iedere maatregel laat zien wat de gemiddelde terugverdientijd is. Dit is gebaseerd op de investering gedeeld door besparing per jaar. De besparing volgt uit de beoogde reductie van elektriciteit en/of aardgas per jaar. Hieruit wordt ook de CO2 reductie per jaar berekend. De investeringskosten zijn gebaseerd op het vloeroppervlak en/of vaste kosten. Alle kengetallen zijn handmatig te wijzigen (bijvoorbeeld op basis van offertes).

Kunnen jullie meer informatie geven over jullie bijdrage?

In de komende maanden zullen we via de kennisbank ‘factsheets’ gaan bekendmaken die relevante technieken en maatregelen koppelen aan praktische informatie over de toepassing hiervan, zoveel mogelijk gerelateerd aan daadwerkelijke cases. Hierbij komen best practices naar voren, maar ook bekende en bewezen aanpassingen die nog niet overal worden toegepast.

We gaan in de komende periode verschillende bijeenkomsten organiseren met stakeholders om hulpmiddelen aan te reiken om met de routekaarten te beginnen.

Hoe kan ik als gemeente helpen om de zorgsector te verduurzamen?

Gemeentes kunnen goed bijdragen door een lokale Green Deal groep te faciliteren waarbij Milieuthermometer niveau brons behaald wordt. De Milieuthermometer Zorg biedt de zorginstellingen niet alleen handvatten voor het thema energietransitie, maar zorgt ervoor dat duurzaamheid breed in de bedrijfsvoering geborgd wordt. Zo wordt ook gekeken naar afval, mobiliteit, voeding, inkoop en andere facilitaire processen, in totaal 17 thema's. Op dit moment wordt deze lokale Green Deal aangeboden door zo'n 12 gemeentes of omgevingsdiensten en is in een enkel geval al een tweede lokale groep bezig. De uitgestoken hand van de gemeente maakt voor veel zorginstellingen de drempel precies laag genoeg om een start met duurzaamheid te 'durven' maken.

Hoe kan ik als adviseur helpen om de zorgsector te verduurzamen?

Het expertisecentrum faciliteert en stimuleert het werken aan de routekaarten, onder anderen door informatie en tools beschikbaar te maken. Het expertisecentrum geeft geen 1-op-1 advies of begeleiding in het opstellen en uitvoeren van de routekaart. Daarvoor kunnen zorginstellingen terecht bij adviesbureaus.

Tools en publicaties zijn beschikbaar via de website van het expertisecentrum en daardoor ook bruikbaar voor adviesbureaus. We zullen in de komende periode een bijeenkomst voor adviesbureaus organiseren waarbij we informatie over het expertisecentrum en de tools en publicaties verstrekken.

Wat is de KEV 2019?

De Klimaat- en Energieverkenning 2019 (KEV 2019) heeft in de Klimaatwet een expliciete rol gekregen om de voortgang van het klimaatbeleid adequaat te monitoren. Eenmaal per jaar moet de KEV op duidelijke en integrale wijze verslag doen van de volle breedte van het gevoerde energie- en klimaatbeleid en de verwachte effecten daarvan op de middellange termijn. De KEV 2019 is gebaseerd op het vastgestelde of voorgenomen beleid zoals dat op 1 mei 2019 bekend was. Naast dat de KEV 2019 een aantal internationale ontwikkelingen aangeeft bevat de KEV 2019 ook tal van tabellen met prognoses voor de ontwikkeling van tarieven/prijzen, energiegebruiken, emissie en emissiefactoren, etc. op nationaal en sectoraal niveau. De Klimaat- en Energieverkenning 2019 is tot stand gekomen door samenwerking tussen het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), ECN part of TNO, het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) en het Rijksinsituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM).

Zie voor de KEV 2019:

https://www.pbl.nl/publicaties/klimaat-en-energieverkenning-2019

Hoe draagt CO2 besparen bij aan de gezondheid van de maatschappij?

De gezondheid en het welzijn van patiënt, cliënt en zorgprofessional wordt negatief beïnvloed; mensen worden ziek en gaan dood aan de gevolgen van de klimaat- en milieubelasting. De zorg speelt een rol van betekenis. Tussen de 5 en 7% van de CO2-uitstoot is het gevolg van onze zorgverlening en heeft dus een substantieel effect op de klimaatverandering. Daarnaast worden de grondstoffen die de zorg gebruikt steeds schaarser, waardoor er een economisch vraagstuk ontstaat. De prijs van de bedrijfsvoering van zorg loopt op. Economisch strategische keuzes zijn nodig: technische en sociale innovatie waaronder financiering onder duurzaamheidscondities zullen steeds vaker een rol gaan spelen. Op de arbeidsmarkt speelt de vergroening en verduurzaming een rol bij de keuze om bij een organisatie te werken. Zittende medewerkers vragen om actie.

Dit is de maatschappelijke druk die het gevolg is van de zichtbaarheid van klimaatverandering. Die zich vertaalt in vraagstukken als de energietransitie, grondstoffen- gebruik en -verbruik, oppervlaktewatervervuiling en een gezonde leef- en werkomgeving.

Wie is bij een huurpand verantwoordelijk voor het verduurzamen?

(Er volgt nog een publicatie met een meer uitgebreide exploratie)

De exploitant of drijver van de inrichting (waaronder het pand valt) wordt door de wet gezien als verantwoordelijke voor het verduurzamen. Dit is dus niet altijd de eigenaar van het pand. Wel ligt de uitvoer van verduuzamingsmaatregelen vaak deels bij de verhuurder/eigenaar. Op basis van het huurcontract of demarcatielijst is bepaald welke maatregelen bij de huurder liggen en welke bij de verhuurder.

Voor de verhuurder/eigenaar ontstaat een onrendabele situatie als hij maatregelen uit moet voeren die hij niet terugverdient omdat zijn huurder de baten ontvangt op een gereduceerde energierekening. Echter, voor de huurder is het ook niet rendabel (of toegestaan) maatregelen uit te voeren in een pand wat niet in zijn eigendom is.

Kortom, de huurder en verhuurder moeten elkaar opzoeken en goed communiceren om een win-win situatie te creëren. Hierbij wordt vaak voorgesteld de huurprijs iets te verhogen, opdat de verhuurder terugverdient op de uitvoer van maatregelen en de huurder profiteert van een lagere energierekening.

Wie is bij een huurpand verantwoordelijk voor het verduurzamen?

(Er volgt nog een publicatie met een meer uitgebreide exploratie)

De exploitant of drijver van de inrichting (waaronder het pand valt) wordt door de wet gezien als verantwoordelijke voor het verduurzamen. Dit is dus niet altijd de eigenaar van het pand. Wel ligt de uitvoer van verduuzamingsmaatregelen vaak deels bij de verhuurder/eigenaar. Op basis van het huurcontract of demarcatielijst is bepaald welke maatregelen bij de huurder liggen en welke bij de verhuurder.

Voor de verhuurder/eigenaar ontstaat een onrendabele situatie als hij maatregelen uit moet voeren die hij niet terugverdient omdat zijn huurder de baten ontvangt op een gereduceerde energierekening. Echter, voor de huurder is het ook niet rendabel (of toegestaan) maatregelen uit te voeren in een pand wat niet in zijn eigendom is.

Kortom, de huurder en verhuurder moeten elkaar opzoeken en goed communiceren om een win-win situatie te creëren. Hierbij wordt vaak voorgesteld de huurprijs iets te verhogen, opdat de verhuurder terugverdient op de uitvoer van maatregelen en de huurder profiteert van een lagere energierekening.

Wat is een routekaart?

Een routekaart is een plan dat opgesteld wordt waarmee gewerkt wordt aan het behalen van de klimaatdoelen in 2030 en 2050. Belangrijk is dat het niet bij een plan blijft, maar dat er uitvoering aan gegeven wordt. Een goede manier om dat te borgen is het overnemen met maatregelen in het meerjarenonderhoudsplan (mjop) en afstemming vinden met het langetermijnhuisvestingsplan (lthv).

Is het verplicht om de routekaart te maken?

Op dit moment is er geen wettelijke verplichting om een routekaart te maken. Wel is er, door middel van de Green Deal, een morele verplichting om met verduurzaming bezig te gaan. De routekaarten zijn daarmee een instrument om de eigen regie op het vraagstuk van verduurzaming vast te houden. Mocht er gekozen worden de portefeuilleroutekaart toch niet uit te werken, wees er dan bewust van dat er wetgeving volgt die naar verwachting de handelingsvrijheid en mogelijkheid tot het kiezen van een eigen aanpak inperken; voorbeeld hiervan zijn onder meer de wijkaanpakken van de gemeenten of eindnormeringen.

Welke definitie wordt gehanteerd voor de gebouwde omgeving; wat telt er allemaal mee?

De gebouwde omgeving omvat alle locaties waarvan de zorginstelling exploitant is, dit geldt dus ook voor huurpanden die de zorginstelling exploiteert. Voor de definitie wordt de beslishulp van Infomil gehanteerd.

Kan ik de routekaart voor de care ook via een ander kanaal openen?

Als het niet lukt om de sectorale routekaart voor de care te downloaden via onze website dan kan dit ook via Actiz, GGZ Nederland of VGN.